Gissen is missen maar meten is weten !

Bemesten zoals het hoort begint bij kennis van de uitgangssituatie, de basisbodemvruchtbaarheid van elk perceel afzonderlijk, de behoeften aan voedingselementen voor de verschillende teelten en daarnaast de inhoud en de bemestende waarde van de gebruikte mestsoorten en minerale meststoffen.

Een mondvol voorwaarden, die de uitvalbasis vormen voor een succesvolle teelt, zowel qua opbrengst en kwaliteit als voor het bekomen van een aanvaardbaar nitraatresidu in het najaar. Om dit te verwezenlijken heb je hulp nodig. De toekomstgerichte land- en tuinbouwer is een manager, die beseft dat hij niet alles kan weten maar die weet waar de nuttige info beschikbaar is.

Eigen ervaring is niet het alleen zaligmakende…

Een boer moet zijn percelen kennen, dat is evident. En weten waar wat mag en kan om tot goed resultaat te komen. Maar wie denkt dat elke boer zelf moet weten wat zijn teelten nodig hebben is een betweter.

Nog teveel landbouwers gaan te traditioneel te werk en zijn bang voor wijzigingen. ‘Ik bemest al vele jaren op deze wijze en behaal goede resultaten en ‘Wie zal mij betalen als ik met een lagere bemesting minder opbrengst of een lagere kwaliteit behaal ?’ zijn uitspraken die bemestingsvoorlichters nogal eens te horen krijgen.

Meer dan voldoende bemesten is geruststellend. Maar het buikgevoel volgen of op het visuele aspect afgaan ‘mijn teelten staat mager‘ zijn meestal slechte raadgevers. Ze hebben menige land- en tuinbouwer al veel geld gekost en nog erger, men beseft het niet.

Vraag advies, het is er niet voor niets

De oplossing ligt voor de hand : laat regelmatig bodemstalen nemen en volg de bijhorende adviezen. Het begint met een bouwvooranalyse, waarbij bemestingsadviezen worden gevoegd voor de 3 volgende teeltjaren. Wie om de 3 jaar een bouwvooranalyse laat nemen voor alle percelen op zijn bedrijf of elk jaar een analyse voor een derde van de percelen is voldoende gewapend om de basisbodemvruchtbaarheid op te volgen.

Baseer de bemesting van een perceel niet op de adviezen van een ander perceel. Zelfs bij 2 naburige percelen die jarenlang op dezelfde wijze zijn bemest en waar steeds dezelfde teelten worden verbouwd kan het resultaat van de bouwvooranalyse sterk verschillen.

Basisbodemvruchtbaarheid = belang van een juiste pH

De bouwvooranalyse geeft een overzicht van het koolstofpercentage (de humusvoorraad), de pH en de inhoud aan voedingselementen : fosfor, kalium of potas, magnesium, calcium enz… en vaak ook de sporenelementen.

De humusvoorraad op peil houden of brengen vraagt constante aandacht. Verbetering van het koolstofpercentage gaat traag, het is een levenswerk. De pH bijsturen op korte termijn, dat kan wel. Op sterk zure percelen kan het wel enkele jaren duren alvorens de streefzone wordt bereikt. Maak dus vooral werk van een juiste pH in functie van de grondsoort en teeltrotatie. De pH is immers de barometer voor de bodemvruchtbaarheid, hij is bepalend voor de vitaliteit van het bodemleven en stuurt de opname van de nutriënten. Een voorbeeld, bij een zeer lage pH daalt de opname van fosfor met meer dan 50%.

Opneembaarheid van nutriënten bij verschillende pH

Daarnaast is de verhouding tussen de inhoud van de voedingselementen van belang. Heb je al gehoord van een antagonistische werking ? Dit wil zeggen dat een teveel van een element de opname van een ander element onderdrukt.

Bemesting ≠ veel geven van elk element. Oordeelkundig bemesten = bodemvoorraad aanvullen tot het gewenste niveau voor elk element zodat ze mekaar niet beconcurreren.

Na de bouwvooranalyse, specifieke staalnames ifv de teelt en de mestanalyses

Aanvullend op de bouwvooranalysen is het belangrijk in het teeltjaar zelf bijkomende stikstofprofielanalysen te laten uitvoeren om de stikstofbemesting te sturen.

In tegenstelling tot bouwvooranalyses is het voor stikstofanalyses belangrijk om deze uit te voeren zo kort mogelijk voor het zaaien of planten én voor het opbrengen van dierlijke mest of 4 weken na toediening. Staalname na het bemesten heeft het voordeel dat dan precies gemeten wordt hoeveel stikstof de voorafgaande bemesting reeds vrijstelde.

Vergeet ook zeker niet de dierlijke mest te laten analyseren. Hier wordt in de praktijk veel te weinig gebruik van gemaakt. Toegegeven, het is niet eenvoudig een representatief staal te nemen (mixen mest is dan aangewezen) en er is veel discussie omtrent de betrouwbaarheid van de resultaten. Maar wie regelmatig meststalen laat nemen zal met mij getuigen dat hij een beter beeld krijgt van de mestsamenstelling. Meten is hier zeker meer weten dan de gemiddelde tabellarische inhouden van de mestsoorten : gemiddelde mest bestaat immers niet !

De titel van dit artikel zou ook kunnen luiden ‘Gokken is dokken maar meten is weten’…

Welke stalen interessant en nuttig zijn voor jouw bedrijf bespreek je best met de contactpersoon of staalnemer van het labo. Of laat je wat dat betreft begeleiden door de diverse praktijkcentra land- en tuinbouw of door andere begeleidingsdiensten. Dan kunnen vooraleer het teeltseizoen van start gaat de nodige afspraken worden gemaakt.

En de kost van dit alles ? ‘Bodemstalen en adviezen , eens te meer een bijkomende kost voor de boer die het al moeilijk genoeg heeft om financieel rond te komen’ is een veelgehoorde klaagzang. Bedenk dat grondontleding de goedkoopste bemesting is ! De adviezen laten toe de beschikbare mest en meststoffen zo efficiënt mogelijk toe te dienen. Te veel mest en/of kunstmest gebruiken is niet alleen nefast voor het milieu, het plundert ook de portemonnee. De titel van dit artikel zou ook kunnen luiden ‘Gokken is dokken maar meten is weten’…

Heb vertrouwen in de adviezen en geloof erin

Een gouden raad : heb vertrouwen in de adviezen die je ontvangt. Vlaanderen is rijk aan ervaren bedrijfs- en teeltbegeleiders, maak gebruik van de aangeboden kennis. Bedicussiëer de resultaten van het voorbije jaar en de bemerkingen voor het komende seizoen bij het overleg met de begeleider vooraf. Maar wees niet deskundiger dan de deskundigen en ga zelf niet sleutelen aan het advies.

Nu geen of te weinig adviezen : wat doe ik ?

Lukt het nog moeilijk dit teeltjaar wees dan alert voor 2017. Een analyse van de bouwvoor kan je al tijdens het najaar en de winterperiode laten nemen. Dan zijn de adviezen voor 2017 tijdig beschikbaar.

Dirk Coomans, CVBB